Schennis van de eerbaarheid (art. 239 Sr)

De delictsomschrijving

Artikel 239 van het Wetboek van Strafrecht luidt als volgt:
“Met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie wordt gestraft schennis van de eerbaarheid:
1. op of aan een plaats, voor het openbaar verkeer bestemd;
2. op een andere dan onder 1. bedoelde openbare plaats, toegankelijk voor personen beneden de leeftijd van zestien jaar;
3. op een niet openbare plaats, indien een ander daarbij zijns ondanks tegenwoordig is.”

Kort en zakelijk weergegeven gaat het dus om het schenden van de eerbaarheid op openbare locaties, dan wel op locaties waar anderen aanwezig zijn. De meest recente versie van het artikel is op 21 mei 1986 in werking getreden.

Een toelichting

Overtreding van artikel 239 Sr komt veelvuldig voor. Bovendien kan het artikel op veel mogelijke manieren worden overtreden. Het artikel richt zich tot degene die (een) ander(en) ongewenst confronteert met (een deel van) het menselijk lichaam. De strafbepaling strekt tot het beschermen van de menselijke integriteit, de algemene publieke moraal en de algemene eerbaarheid. Niet van belang is of de eerbaarheid van de direct bij het delict betrokkenen is geschonden, maar juist of het handelen op zichzelf kwetsend is voor het normaal ontwikkeld schaamtegevoel (de publieke moraal).

Opzet

Voor overtreding van artikel 239 Sr is allereerst van belang dat de verdachte opzet had op het schenden van de eerbaarheid. Het opzet is ingeblikt in de term “schennis”. In de praktijk is dit opzet veelal niet moeilijk te bewijzen. Immers, met het opzettelijk verrichten van bepaalde gedragingen zal het opzet vaak gegeven zijn. Van belang is wel de context waarbinnen de handelingen worden verricht en welke begeleidende bewoordingen de verdachte bezigt. Voorwaardelijk opzet is voldoende om het vereiste opzet te kunnen bewijzen.

Schennis van de eerbaarheid

Niet elk seksueel gedrag levert per definitie schennis van de eerbaarheid op. Of in een specifiek geval sprake is van schennis van de eerbaarheid, dient te worden bepaald aan de hand van de heersende zeden. De Hoge Raad spreekt van “de hier te lande heersende zeden welke worden bepaald door de bij een belangrijke meerderheid van het Nederlandse volk levende opvattingen”. Deze toets en het inschatten van de heersende zeden is aan de rechter. Niet vereist is dat degene die wordt geconfronteerd ook daadwerkelijk in diens eerbaarheid is aangetast. Anderzijds geldt dat handelingen die door een ander als aantasting van de eerbaarheid worden ervaren niet reeds daardoor schennis van de eerbaarheid opleveren. Naaktrecreatie levert in beginsel geen schennis van de eerbaarheid op, al kunnen bepaalde handelingen die buiten het normale naaktrecreëren vallen wel als schennis van de eerbaarheid worden aangemerkt (bijvoorbeeld het verrichten van seksuele handelingen op een naaktstrand).
1

Op of aan plaatsen voor het openbaar verkeer bestemd

Zoals onder 1. van artikel 239 Sr staat vermeld, is schennis van de eerbaarheid op plaatsen voor het openbaar verkeer bestemd strafbaar. Het gaat hier om de openbare plaatsen die men in het normale verkeerd betreedt. Denk hierbij aan de openbare weg, parken, winkelcentra, bossen, speelterreinen, stations etc. Ook een deuropening kan als plaats voor het openbaar verkeer bestemd worden aangemerkt. Schennis van de eerbaarheid kan evenwel bijvoorbeeld ook op het eigen balkon van de verdachte worden verricht, mits dit balkon vanaf de openbare weg zichtbaar is. Doorslaggevend is of de schennis vanaf een voor het openbaar verkeer bestemde plaats kan worden waargenomen.

Andere openbare plaatsen, toegankelijk voor personen beneden de leeftijd van 16 jaar,

Onder 2. van artikel 239 Sr wordt strafbaar gesteld schennis van de eerbaarheid op andere openbare plaatsen, toegankelijk voor personen beneden de leeftijd van 16 jaar. Dit zijn dus niet direct openbare plaatsen waar eenieder naar welbevinden zomaar naar binnen kan, maar plaatsen zoals bioscopen, zwembaden, musea en theaters. Vereist is wel dat deze plaatsen toegankelijk zijn voor personen beneden de leeftijd van 16 jaar. Strafbaarheid kan dus slechts worden voorkomen wanneer in de bewuste plaats een leeftijdsgrens geldt, die ook wordt gehandhaafd.

Niet-openbare plaatsen waar een ander zijns ondanks tegenwoordig is

Zoals onder 3. van artikel 239 Sr staat vermeld, is schennis van de eerbaarheid op niet-openbare plaatsen eveneens strafbaar, mits een ander zijns ondanks aldaar tegenwoordig is. Onder niet-openbare plaatsen moeten worden verstaan niet voor het publiek toegankelijke plaatsen, zoals een kazerne, ziekenhuis, sauna, spoorwegrijtuig, klaslokaal of woning.
Voor de tegenwoordigheid van de ander is niet bepalend of die ander ook daadwerkelijk in dezelfde ruimte aanwezig is, maar wel of de ander de schennis van de eerbaarheid kan waarnemen. Niet alleen het zien valt overigens onder tegenwoordig zijn, maar eveneens het voelen en/of ondergaan. Ook het tonen van een ontbloot geslachtsdeel via de webcam kan onder omstandigheden tegenwoordig zijn opleveren.
2
Niet slechts het tegenwoordig zijn van een ander maakt schennis van de eerbaarheid strafbaar. Deze tegenwoordigheid moet tegen de wil van de ander zijn (zijns ondanks). Hierbij is niet van belang of de ander zich ook bewust is van de schennis en/of dat de ander niet direct de blik afwendt.

De strafbedreiging

Overtreding van artikel 239 Sr is een misdrijf. De maximumstraf die op het misdrijf is gesteld, is een gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden en/of een geldboete van de tweede categorie.

Hoewel de straffen voor dit soort feiten vaak niet heel hoog zijn, zijn de gevolgen van een veroordeling wel enorm. Immers, schennis van de eerbaarheid is een zedenfeit. Dit wordt gedurende lange tijd meegenomen bij het al dan niet verstrekken van een verklaring omtrent het gedrag (VOG).

De afdoening

Een overtreding van artikel 239 Sr kan worden afgedaan middels een strafbeschikking. Deze strafbeschikking kan op een OM-zitting aan de verdachte worden opgelegd, maar kan ook rechtstreeks (als geldboete) per post aan de verdachte worden toegezonden. Er kan eveneens voor worden gekozen de verdachte te dagvaarden om bij de politierechter te verschijnen. Verder kan een overtreding van artikel 239 WVW afgedaan worden middels een zogenaamde OM-transactie. Toch zal dit zelden tot nooit gebeuren.

Een advocaat

Juist omdat een veroordeling voor overtreding van art. 239 Sr zo’n grote gevolgen kan hebben in de toekomst, is het van groot belang dat u zich laat bijstaan door een gespecialiseerde advocaat. U kunt ons altijd benaderen voor gespecialiseerde juridische bijstand!

Een advocaat

De straffen bij een veroordeling voor overtreding van art. 248f Sr zijn hoog. Ook voor de toekomst, en met name met betrekking tot de aanvraag van een VOG, zijn de gevolgen van een veroordeling voor artikel 248f Sr groot. Gelet hierop, is het van groot belang dat u zich laat bijstaan door een gespecialiseerde advocaat. U kunt ons altijd benaderen voor gespecialiseerde juridische bijstand!

Strafrechtadvocaat nodig?

Juist omdat schennis van de eerbaarheid (art. 239 Sr) zo complex is en steeds aan de hand van de omstandigheden van het geval moet worden bepaald of sprake is van overtreding hiervan, is het van groot belang dat u zich laat bijstaan door een gespecialiseerde strafrechtadvocaat. Zeker gelet op de belangen die op het spel staan is het verstandig dat u zich vooraf goed laat informeren. Het is van belang om vooraf te weten wat u kunt verwachten en welke verweren namens u gevoerd kunnen worden. U kunt ons altijd benaderen voor gespecialiseerd juridisch advies.

Deskundige strafrechtadvocaat

Strafrechtzaken.nl is een initiatief van een netwerk van strafrechtadvocaten door heel Nederland. Uw zaak zal zo spoedig mogelijk na ontvangst van uw aanmelding worden doorverwezen naar een gespecialiseerde strafrechtadvocaat, welke zo spoedig mogelijk contact met u zal opnemen. U bent met strafrechtzaken.nl verzekerd van deskundige rechtsbijstand op het gebied van zeden. De strafrechtadvocaten die bij het netwerk zijn aangesloten hebben kennis en ervaring met schennis van de eerbaarheid (art. 239 Sr). U ontvangt een eerlijk en deskundig advies. Samen met u zal de beste verdedigingsstrategie worden bepaald.

Voordelige strafrechtadvocaat

Advocaat van onvermogen / pro deo-advocaat (toevoeging)
Alle strafrechtadvocaten in ons netwerk zijn bereid u bij te staan op basis van een toevoeging. Dit houdt in dat sprake is van gesubsidieerde rechtsbijstand. Aan de hand van uw inkomen in het peiljaar (twee jaar geleden) wordt door de Raad voor Rechtsbijstand getoetst of u in aanmerking komt voor een toevoeging. Indien u in aanmerking komt voor een toevoeging betaalt u enkel een eenmalige eigen bijdrage aan de advocaatkosten. In veel gevallen bedraagt deze slechts €143,00 voor de gehele zaak! Lees hier meer over bijstand van een gespecialiseerde strafrechtadvocaat op basis van een toevoeging.

Helaas is het in sommige gevallen niet mogelijk om een toevoeging te krijgen. Dit zou kunnen betekenen dat u de kosten van rechtsbijstand zelf moet betalen. Bij strafrechtzaken.nl hanteren wij een voordeeltarief waar u bij alle aangesloten strafrechtadvocaten gebruik van kunt maken. Het betreft een extra voordelig honorarium speciaal voor bezoekers van strafrechtzaken.nl van €125,00 exclusief BTW. Dit voordeeltarief is uitsluitend geldig na doorverwijzing via strafrechtzaken.nl en is niet geldig in combinatie met andere prijsafspraken. Het is altijd verstandig om de zaak met een strafrechtadvocaat te bespreken. Indien de strafzaak wordt geseponeerd, u wordt vrijgesproken of ontslagen van alle rechtsvervolging, kunnen alle kosten van rechtsbijstand door de Staat worden vergoed. Uw strafrechtadvocaat kan u hierin adviseren en namens u een verzoekschrift indienen. Meer informatie hierover kunt u lezen op schadevergoeding strafzaak.

  1. 1 O.a. Hoge Raad 28 oktober 1975, NJ 1976/120.
    2 O.a. Hoge Raad 13 december 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU4825.
  2. 3 Hoge Raad 19 november 1974, NJ 1975/133).
    4 O.a. Hoge Raad 15 december 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA8825).
    5 O.a. Hoge Raad 17 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:2027.
    6 Hoge Raad 29 juni 1942, NJ 1942/661).
[DISPLAY_ULTIMATE_SOCIAL_ICONS]