Zedenzaken
Ontucht minderjarige met derde (art. 248f Sr)
De delictsomschrijving
Artikel 248f van het Wetboek van Strafrecht luidt als volgt:
“Hij die door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid, het plegen van ontucht door een persoon van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, met een derde opzettelijk teweegbrengt of bevordert, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie.”
Kort en zakelijk weergegeven gaat het dus om het dwingen van een minderjarige tot het plegen van ontucht met een derde. De meest recente versie van het artikel is op 1 maart 2014 in werking getreden.
Een toelichting
Overtreding van artikel 248f Sr is een feit dat de verdachte zwaar wordt aangerekend. Het gaat erom dat de verdachte door geweld, dreiging met geweld of door andere feitelijkheden een minderjarige ertoe aanzet ontucht te plegen met een derde. Die ontucht kan bestaan uit het plegen van seksuele handelingen, maar eveneens uit het dulden daarvan. Het artikel beschermt zowel jongens als meisjes en is gericht tegen degene die de ontucht tussen de derde en de minderjarige bevordert.
‘
Causaal verband
Voor een bewezenverklaring van art. 248f Sr is vereist dat de verdachte geweld, dreiging met geweld of andere feitelijkheden toepast. Vereist is wel dat de dwangmiddelen specifiek gericht zijn op het bewerkstelligen van seksueel contact tussen de minderjarige en de derde.
Opzet/culpa
Voor overtreding van artikel 248f Sr is van belang dat de verdachte opzet had op het bevorderen van de ontucht tussen de minderjarige en de derde. Voorwaardelijk opzet is hierbij voldoende. Ten aanzien van de leeftijd van de minderjarige kan sprake zijn van opzet (weten), maar ook van culpa (redelijkerwijs moeten vermoeden).
Dwang, geweld of andere feitelijkheid
Van dwang kan sprake zijn bij toepassing van geweld of bij dreiging van toepassing van geweld. Andere feitelijkheden hoeven niet in causaal verband te staan tot de dwang. Immers, niet is vereist dat sprake is van onvrijwilligheid aan de zijde van het slachtoffer.
Niet alleen door middel van geweld, maar ook door middel van andere feitelijkheden kan een ander
worden aangezet ernstige seksuele handelingen. Met name psychische druk is in dit kader
relevant. Zo kan religieuze of culturele druk een andere feitelijkheid opleveren, alsook een
leeftijdsverschil in combinatie met andere vormen van druk. De wetgever zelf sprak over gevallen
waarin de verdachte onder invloed was van drugs en/of alcohol en daardoor op voorhand reeds
zodanig bedreigend overkwam dat daarmee de dwang gegeven was.
Aan de hand van de omstandigheden van het geval dient te worden bepaald of sprake is van dwang.
Hierbij kunnen ook feiten en omstandigheden die zich voorafgaand aan de handelingen hebben
voltrokken in worden betrokken. Voorbeelden van aangenomen andere feitelijkheden zijn het dreigen
met openbaarmaking van naaktfoto’s en het creëren van een afhankelijkheidsrelatie. Het enkele feit
dat de verdachte bijvoorbeeld de vader van het slachtoffer is, maakt nog niet dat sprake is van dwang.
Van het plegen van ontucht is sprake bij handelingen van seksuele aard die in strijd zijn met de
sociaal-ethische norm. Of hiervan sprake is, is sterk afhankelijk van de omstandigheden van het geval.
Wanneer bijvoorbeeld twee minderjarigen die slechts marginaal verschillen qua leeftijd seksueel
contact hebben met elkaar, hoeft nog geen sprake te zijn van ontuchtige handelingen, met name niet
wanneer deze een affectieve relatie hebben. Indien geen sprake is van een relatie en verdachte en
slachtoffer elkaar evenmin kenden voorafgaand aan de handelingen, kan de rechter daar wel
conclusies aan verbinden. Ook bij behoorlijke leeftijdsverschillen zal het ontucht in de praktijk al snel bewezen worden.
De strafbedreiging
Overtreding van artikel 248f Sr is een misdrijf. De maximumstraf die op het misdrijf is gesteld, is een gevangenisstraf van ten hoogste tien jaar en/of een geldboete van de vijfde categorie.
De afdoening
Een overtreding van artikel 248f Sr kan slechts worden afgedaan door de verdachte te dagvaarden om bij de rechtbank te verschijnen. In (vrijwel) alle gevallen zal de verdachte worden gedagvaard om voor de meervoudige strafkamer van de rechtbank te verschijnen.
Een advocaat
De straffen bij een veroordeling voor overtreding van art. 248f Sr zijn hoog. Ook voor de toekomst, en met name met betrekking tot de aanvraag van een VOG, zijn de gevolgen van een veroordeling voor artikel 248f Sr groot. Gelet hierop, is het van groot belang dat u zich laat bijstaan door een gespecialiseerde advocaat. U kunt ons altijd benaderen voor gespecialiseerde juridische bijstand!
Bekijk ook het overzicht van zedenzaken, lees meer over kosten rechtsbijstand of bekijk onze werkwijze.
Uw zaak bespreken met een strafrechtadvocaat?
Meld uw zaak aan of laat u terugbellen. Een gespecialiseerde strafrechtadvocaat uit ons netwerk neemt contact met u op. De aanmelding is gratis en vrijblijvend.